
Iraniërs smokkelen berichten naar buiten waarin ze Trump smeken het regime niet te sparen
Iraniërs, die vrezen dat de offers die ze tijdens hun opstand tegen het regime hebben gebracht, zullen worden uitgewist, hebben de afgelopen dagen berichten naar The Jerusalem Post gesmokkeld waarin ze de Verenigde Staten smeken om de Islamitische Republiek geen reddingslijn te bieden. Het spreken met Israëliërs wordt in Iran als een misdrijf beschouwd en het regime beschuldigt dissidenten stelselmatig van banden met Israël’s geheime dienst Mossad. Dat argument gebruiken ze om de executiecampagne van het Iraanse regime te rechtvaardigen. Nadat in januari grote aantallen demonstranten waren gedood en duizenden anderen waren gearresteerd of verdwenen, deden degenen die contact opnamen met de media dit op voorwaarde van anonimiteit.
Een oudere professional, die alleen bekend staat onder de naam Z., beschreef de ‘grote hoop’ die Iraniërs in Washington en Jeruzalem kregen, nadat de Amerikaanse president in januari had beloofd dat er hulp onderweg was (Hope is on it’s way!). Hoewel het regime minder dan 4.000 doden heeft erkend en de schuld heeft gelegd bij door het buitenland gesteunde relschoppers, schatten mensenrechtengroepen het werkelijke dodental op bijna 30.000 en meer. Een aantal dat verborgen blijft door internetblokkades en massale verdwijningen. Z. schreef dat de Iraanse bevolking zich in een zeer slechte psychologische toestand bevindt en weinig hoop heeft voor de toekomst, en merkte op dat er weinig is verbeterd sinds Mojtaba Khamenei zijn vader, Ali Khamenei, opvolgde, die in februari werd vermoord.
De Iraniërs waarschuwden dat een overeenkomst die het regime miljarden aan bevroren tegoeden, sanctieverlichting en de vrijheid om olie te verkopen zou opleveren, elke resterende hoop op verandering de kop zou indrukken. ‘Als er een akkoord wordt bereikt, zullen de gewone Iraanse burgers alle hoop op een verandering van het regime verliezen.’ Dit schreef Z. en eraan toevoegend dat de meeste mensen die hij kende hoopten dat de oorlog zou worden hervat. Hij stelde zijn vertrouwen niet in interne hervormingen, maar in aanhoudende druk en macht vanuit het buitenland, en beschouwde de Verenigde Staten en Israël als bevrijdingskrachten voor een natie die wanhopig naar vrijheid verlangde. (JPost/VFI Nieuws)
‘Hemelse Vader, wij roepen tot U voor het volk van Iran dat verlangt naar vrijheid van een wreed regime. Wij vragen U de rouwenden te troosten en de vervolgden kracht te geven, elk instrument van onderdrukking te ontmaskeren en te ontmantelen, de leiders die de weg voorwaarts bepalen inzicht te schenken en dat U zich openbaart aan talloze Iraniërs en hen tot Uw reddend licht te trekken, in de Naam van Jesjoea bidden wij!’